Filter by price
Stock status
Resultaat 13–24 van de 35 resultaten wordt getoond
Gebogen aambeeld-takkenknipper met hendel PLUS
Gebogen aambeeld-takkenknipper met hendel PLUS
Deze takkensnijder heeft verschillende voordelen: het vergroot de maximale grootte van de snede, vermindert de snij-inspanning en zorgt voor een eenvoudige vervanging van het snijblad. Het gebogen aambeeld en de terugtrekkende snijbeweging van het blad houden de tak op zijn plaats en zorgen voor een gemakkelijkere en schonere snede. Het mobiele blad is gemonteerd in een excentrische positie: dit zorgt ervoor dat de tak naar het draaipunt kan worden gesleept, waardoor mogelijk wegglijden wordt voorkomen. Warm gesmede en getemperde bladconstructie gemaakt van hoogwaardig koolstofstaal en afgewerkt met een harde chroomlaag met Xylan 1010-deeltjes voor een langdurige duurzaamheid en een superieure snede. Het aambeeld is gemaakt van hoogwaardig ERGAL-aluminium
Gebogen aambeeld-takknipper met hendel
Gebogen aambeeld-takknipper met hendel
Deze takkenknipper heeft verschillende voordelen: hij vergroot de maximale grootte van de snede, vermindert de snij-inspanning en zorgt voor een eenvoudige vervanging van het snijblad. Het gebogen aambeeld en de terugtrekkende snijwerking van het blad houden de tak op zijn plaats en zorgen voor een gemakkelijkere en schonere snede. Het mobiele blad is gemonteerd in een excentrische positie: hierdoor kan de tak naar het draaipunt worden gesleept, waardoor mogelijk wegglijden wordt voorkomen. De bladeenheid is gemaakt van warmgesmeed en gehard staal. Verkrijgbaar in drie lengtes.
Gebogen Snoeischaar
Gebogen Snoeischaar
Deze aambeeldschaar wordt gekenmerkt door grazende sneden die geen uitsteeksels op het gesnoeide oppervlak achterlaten, en het ontwerp ervan is een uitdaging voor wat velen dachten over snoeischaren. Het gebogen aambeeld helpt de tak op zijn plaats te houden, en het blad beweegt terug terwijl het snijdt – wat tegelijkertijd helpt de tak op zijn plaats te houden en een gemakkelijkere en schonere snijsnede creëert. De messen met een hoog koolstofgehalte zijn beide volledig warmgesmeed en getemperd, waardoor ze sterker maar ook lichter zijn.
Insecten Hotel / schuilplaats voor oorwormen
In het tijdperk van de introductie van de ‘Farm to Fork’-strategie in de landbouw als onderdeel van de Europese Green Deal, gericht op onder meer het terugdringen van het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen, waaronder zoöciden, zijn biologische methoden grotendeels gebaseerd op natuurlijke vijanden – nuttige insecten.
Stimuleer het aantal roofinsecten in uw boomgaard !
| Aantaal per Ha | Aantaal perd doos | aantaal per pallet | Aantaal per kamion |
| 500 | 64 | 1152 | 60000 |
Kabelklem 10 mm
Kabelklem 10 mm
Max. montagekoppel
60–65 NM
Gegalvaniseerd (goudkleurig)
Hoge, versterkte moer
Gewicht ongeveer 0,093 kg
Verpakkingseenheden:
• Nylonzak 50 stuks
• Karton 200 stuks
• Doos 10.000 stuks
ook beschikbaar 6.5mm / 8mm / 32mm
Kabeltrekker met 3 schroeven / Ankerspanner TOP triple
-Ankerspanner TOP triple
-Zeskant-pennen met haak sluiting
-Pindiameter 22 mm met 10,5 mm gat
-Klem- en slotdikte 5 mm
-Afmetingen 320/65 mm
-Warm gegalvaniseerd
-Gewicht 2,015 kg
Verpakkingseenheden:
• Karton 5 stuks
• Doos 400 stuks
Kerkuil – nestkast / halve open vogel nestkast cederhout
€ 102,00Cederhout 15mm
45cm x 100cm x 45cm
– De nestkast wordt best geplaatst met de opening direct tegen de gevel, met een inlooppijp
(diameter 13-14cm), die 50cm lang is of zigzagt. In open zolders of schuren wordt de nestkast
best geplaatst op de donkerste plaats, op het gebinte zodat de jongen oefenvluchten kunnen
maken van balk tot balk.
– De nestkast is een gesloten nestbak van 45 (H) x 100 (B) x 45 (D) cm, met een opening van 15cm
in de linkerbovenhoek.
– Nestbak met een tussenschot met een opening van 15cm in de één van de bovenhoeken, dit om
een donker broedgedeelte te hebben.
– Ophanghoogte : 3 -20m hoog.
– Geen nestkast hangen in de nabijheid van wegen, minstens 500m ervan weg.
– Op de bodem een laag turf of zaagsel van 5cm leggen.
– Jaarlijks tot 2 jaarlijks een deel van de braakballen wegnemen.
Kerkuil – Tyto alba
Ongeveer 95% van zijn voedsel bestaat uit woelmuizen, spitsmuizen, bosmuizen en andere
muizen en ratten.
De kerkuil leeft vooral in open en eerder kleinschalige open landschappen, bestaande uit bosjes,
weilanden, hagen, boomgaarden, cultuurgewassen of braakland. Ze leven in de nabijheid van mensen,
maar blijven toch mensenschuw.
De kerkuil jaagt, in een langzame vlucht, al vliegend op
ongeveer 1 à 3meter hoogte. Ook al biddend (ter plaatse
vliegen) en vanaf zitplaatsen (weipaaltjes, boompalen,
zitstangen, enz.)
Een koppel kerkuilen eet per jaar zo’n 4000 prooien,
voornamelijk woel- en bosmuizen maar ook
spitsmuizen, woelratten en mollen. Eerder zelden vangt
hij ook kleine vogels, grote insecten, kikkers of vleermuizen. (PC Fruit, 5vogels)
Paraffine navulling voor vuurpotten
In ons aanbod:
Refiller 2.25
Refiller 4.5kg
De warmte die de vorstbeschermingskaarsen afgeven, verwarmt de koude lucht en voorkomt vorstschade aan bloemen en kleinfruit, waardoor oogstverliezen worden geëlimineerd.
| Temperatuur | -2°C | -3°C | -4°C | -5°C | -6°C | -7°C |
| Hoeveelheid per/ha | 200 | 250 | 300 | 350 | 400 | 500 |
| Hoeveelheid op pallet | Hoeveelheid op truck | Gewicht |
| 144 | 4.320 | 19.440 |
Pimpelmees – nestkast / vogel kast / invliegdiameter 27mm
€ 15,60Cedarhout 18mm
17cm x 25cm x 28cm
– Gesloten nestkasttype: invliegdiameter van 26 mm, indien andere afmetingen zullen andere vogels de kast inpalmen en de pimpelmees verjagen,
– Hoogte invliegopening: 16 cm.
– Nestkasten op rustige plaatsen ophangen, niet aan straatzijde.
– Plaatsing zo hoog mogelijk, minstens 2-3 m.
– In natte jaren en streken zijn ze het meest geschikt als nestmogelijkheid.
– Aantal per ha : afhankelijk van het voedselaanbod en de aanwezigheid van een gevarieerd biotoop, 2 à 5 per ha.
Het invlieggat wordt liefst naar het zuid-oosten geplaatst, met de opening weg van de overheersende winden en als bescherming tegen de regeninslag. In fruitteeltaanplantingen ook rekening houden met de spuitrichting, om te voorkomen dat er rechtstreeks spuitnevel in de nestkast komt, de opening dus best met de rijrichting mee hangen en niet loodrecht op het rijpad. De nestkasten loodrecht ophangen of lichtjes voorovergebogen, zodat het er niet inregent. Er moet een vrije in- en uitvliegmogelijkheid zijn, bijgevolg moeten de takken voor het uitvlieggat regelmatig verwijderd worden. Plaats de nestkast echter ook niet in de volle zon, anders wordt het te warm in de nestkast voor de eieren, de broedende vogel of de jongen. Vleermuizen daarentegen hebben graag een warme kraamkamer voor hun jongen, daarom plaatst men verschillende kasten op dezelfde paal om keuzemogelijkheden te hebben
Algemeen worden er 3 tot 6 nestkasten per ha aanbevolen voor kleine vogels, waarvan 1 tot 2 kasten met een diameteropening van 26 – 28 mm en de overige met 30 – 32 mm. De kasten worden op minstens 50 m van elkaar geplaatst. In hagen en aan gebouwen kunnen ook nog andere nestkasttypes geplaatst worden. In gebieden met kleine fruitpercelen omgeven door veel hagen en bosjes, worden er zelfs tot 15 kasten per ha aangeraden.
Tips:
Niet-Productieve Investeringen- Vlif steun tot 100% terugbetaling
Pimpelmees – Parus caeruleus
Belang : Voedsel bestaat voor 70% uit rupsen. Algemene broedvogel.
Basiskenmerken Lengte: 11– 12cm
Vleugelspanwijdte: 17– 21cm
Dagactief
Insecten en zaadeter
Geluid: lokroep ‘tsie-tsie-tsiet’, alarmroep ‘churr’
Stand- en zwerfvogel
Territoriumgrootte: 0,6-2 koppels/10 ha in landbouwgebied, 5- 15 koppels/ha in bossen en 35-40 koppels /10 ha in parken.
Buik is geel, rug is groen-blauw, witte wangen, kruin, vleugels en staart helderblauw. Vanaf de snavel is er een zwarte streep over de ogen tot in de nek.
Leefgebied
De pimpelmees leeft voornamelijk in loofbossen, parken, tuinen, plaatsen waar hagen voorkomen en ook in boomgaarden.
Jachtwijze
Ze zoeken achter prooien op de bomen en de struiken, zowel op de stam, takken en vooral op dunne twijgen. Ze kunnen klimmen als een acrobaat en hangen meestal onderste boven aan takken, van hoog boven de grond tot op de grond.
Voedsel
Hun voedselpakket bestaat uit insecten, waarvan ongeveer tot 70 % vlinderrupsen (wintervlinder, voorjaarsuil, bladroller, fruitmot) zijn, tot 30 % spinnen en de rest bestaat uit bladluizen, wantsen, cicaden en kevers (appelbloesemkever). In het broedseizoen eten ze vooral bladluizen, bladvlooien, schildluizen en rupsen, buiten het broedseizoen eten ze ook zaden, beukennootjes, bessen en fruit. Tijdens de winter gaan ze op zoek naar insecten achter schorsdelen, o.a. fruitmot rupsen en poppen, eieren van bladluizen, soms eten ze ook bloemknoppen (meestal op zoek naar insecten). In het voorjaar eten ze soms ook nectar en pollen.
Voortplanting
De pimpelmees zoekt nestholtes, op een hoogte van 5 tot 10 meter, in bomen, palen, nestkasten en brievenbussen. Het nest wordt door het vrouwtje gemaakt en bestaat uit takken, droog gras en mos. De nestkom wordt gemaakt van haren en veertjes. Ze leggen 6-14 witte eieren met rode vlekjes in de periode half april tot eind mei (soms leggen ze 2 legsels). Het vrouwtje broedt 12 tot 16 dagen op het nest. De jongen blijven daarna nog 16-22 dagen in het nest. Nadien worden ze nog gedurende 14 dagen door de ouders gevoed.
(PC Fruit)
Pimpelmees – nestkast / vogel kast / invliegdiameter 27mm
€ 9,00Cedarhout 15mm
15cm x 27cm x 15cm
– Gesloten nestkasttype: invliegdiameter van 26 mm, indien andere afmetingen zullen andere vogels de kast inpalmen en de pimpelmees verjagen,
– Hoogte invliegopening: 16 cm.
– Nestkasten op rustige plaatsen ophangen, niet aan straatzijde.
– Plaatsing zo hoog mogelijk, minstens 2-3 m.
– In natte jaren en streken zijn ze het meest geschikt als nestmogelijkheid.
– Aantal per ha : afhankelijk van het voedselaanbod en de aanwezigheid van een gevarieerd biotoop, 2 à 5 per ha.
Het invlieggat wordt liefst naar het zuid-oosten geplaatst, met de opening weg van de overheersende winden en als bescherming tegen de regeninslag. In fruitteeltaanplantingen ook rekening houden met de spuitrichting, om te voorkomen dat er rechtstreeks spuitnevel in de nestkast komt, de opening dus best met de rijrichting mee hangen en niet loodrecht op het rijpad. De nestkasten loodrecht ophangen of lichtjes voorovergebogen, zodat het er niet inregent. Er moet een vrije in- en uitvliegmogelijkheid zijn, bijgevolg moeten de takken voor het uitvlieggat regelmatig verwijderd worden. Plaats de nestkast echter ook niet in de volle zon, anders wordt het te warm in de nestkast voor de eieren, de broedende vogel of de jongen. Vleermuizen daarentegen hebben graag een warme kraamkamer voor hun jongen, daarom plaatst men verschillende kasten op dezelfde paal om keuzemogelijkheden te hebben
Algemeen worden er 3 tot 6 nestkasten per ha aanbevolen voor kleine vogels, waarvan 1 tot 2 kasten met een diameteropening van 26 – 28 mm en de overige met 30 – 32 mm. De kasten worden op minstens 50 m van elkaar geplaatst. In hagen en aan gebouwen kunnen ook nog andere nestkasttypes geplaatst worden. In gebieden met kleine fruitpercelen omgeven door veel hagen en bosjes, worden er zelfs tot 15 kasten per ha aangeraden.
Tips:
Niet-Productieve Investeringen- Vlif steun tot 100% terugbetaling
Pimpelmees – Parus caeruleus
Belang : Voedsel bestaat voor 70% uit rupsen. Algemene broedvogel.
Basiskenmerken Lengte: 11– 12cm
Vleugelspanwijdte: 17– 21cm
Dagactief
Insecten en zaadeter
Geluid: lokroep ‘tsie-tsie-tsiet’, alarmroep ‘churr’
Stand- en zwerfvogel
Territoriumgrootte: 0,6-2 koppels/10 ha in landbouwgebied, 5- 15 koppels/ha in bossen en 35-40 koppels /10 ha in parken.
Buik is geel, rug is groen-blauw, witte wangen, kruin, vleugels en staart helderblauw. Vanaf de snavel is er een zwarte streep over de ogen tot in de nek.
Leefgebied
De pimpelmees leeft voornamelijk in loofbossen, parken, tuinen, plaatsen waar hagen voorkomen en ook in boomgaarden.
Jachtwijze
Ze zoeken achter prooien op de bomen en de struiken, zowel op de stam, takken en vooral op dunne twijgen. Ze kunnen klimmen als een acrobaat en hangen meestal onderste boven aan takken, van hoog boven de grond tot op de grond.
Voedsel
Hun voedselpakket bestaat uit insecten, waarvan ongeveer tot 70 % vlinderrupsen (wintervlinder, voorjaarsuil, bladroller, fruitmot) zijn, tot 30 % spinnen en de rest bestaat uit bladluizen, wantsen, cicaden en kevers (appelbloesemkever). In het broedseizoen eten ze vooral bladluizen, bladvlooien, schildluizen en rupsen, buiten het broedseizoen eten ze ook zaden, beukennootjes, bessen en fruit. Tijdens de winter gaan ze op zoek naar insecten achter schorsdelen, o.a. fruitmot rupsen en poppen, eieren van bladluizen, soms eten ze ook bloemknoppen (meestal op zoek naar insecten). In het voorjaar eten ze soms ook nectar en pollen.
Voortplanting
De pimpelmees zoekt nestholtes, op een hoogte van 5 tot 10 meter, in bomen, palen, nestkasten en brievenbussen. Het nest wordt door het vrouwtje gemaakt en bestaat uit takken, droog gras en mos. De nestkom wordt gemaakt van haren en veertjes. Ze leggen 6-14 witte eieren met rode vlekjes in de periode half april tot eind mei (soms leggen ze 2 legsels). Het vrouwtje broedt 12 tot 16 dagen op het nest. De jongen blijven daarna nog 16-22 dagen in het nest. Nadien worden ze nog gedurende 14 dagen door de ouders gevoed.
(PC Fruit, 5 vogels)
Schroef anker verschillende diameters
Meerdere ankerplaten voor verschillende
bodems. De speciale zeshoekige vorm van de
plaat maakt het gemakkelijker om in vaste bodems te dringen. Op verzoek kunnen wij
“elke” anker op maat leveren:
Diverse staafdiameters van
6-30 mm verhogen torsie
Open of gesloten lussen gelast
Ideale en eenvoudige opslag op euro-pallet